Wettelijk kader
De nieuwe Europese verordening 536/2014 (Clinical Trial Regulation, CTR) werd van kracht op 31 januari 2022. Dit houdt een nieuwe manier in waarop klinisch geneesmiddelenonderzoek in de Europese Unie (EU) wordt uitgevoerd. De verordening harmoniseert de procedures voor de indiening, beoordeling en het toezicht van klinisch geneesmiddelenonderzoek in de EU via het centraal informatiesysteem voor klinische proeven (Clinical Trials Information System, CTIS).
Het wettelijk kader op Belgisch niveau voor de behandeling van de aanvragen voor klinische proeven ingediend volgens verordening 536/2014 wordt beschreven in onderstaande wetteksten.
• Wet van 7 mei 2017 betreffende klinische proeven met geneesmiddelen voor menselijk gebruik
• Koninklijk besluit van 9 oktober 2017 tot uitvoering van de wet van 7 mei 2017 betreffende klinische proeven met geneesmiddelen voor menselijk gebruik.
Om te bepalen of een klinische studie wel als klinische proef onder de Europese Verordening valt kan de beslissingsboom (Annex I in Q&A document) geraadpleegd worden.
Inhoud van een CTR-dossier voor een klinische proef
Europese vereisten
De inhoud van een CTR-dossier voor een klinische proef wordt beschreven in bijlage I van de Verordening over klinische proeven.
De sjablonen van de aanvraagdocumenten in Deel II zijn ontwikkeld door de Europese Commissie en zijn beschikbaar in hoofdstuk I van Eudralex, volume 10.
• Wervingsprocedure en procedure voor geïnformeerde toestemming
• Vergoeding voor deelnemers aan een proef
• Belangenverklaring van de hoofdonderzoeker
Bijzonderheden voor België
In België gelden enkele bijzonderheden voor de inhoud van het CTR-dossier voor klinische proeven. Deze worden beschreven in het document met bijzonderheden voor België, waarvan tweemaal per jaar een update wordt voorzien.
Tijdslijnen
De Europese verordening voor klinische proeven (Clinical Trial Regulation, CTR) legt enkel de bindende maximumtermijnen vast voor de goedkeuring van aanvragen van klinische proeven. Deze termijnen worden geïmplementeerd en bewaakt in het Clinical Trials Information System (CTIS).
In het geval van een klinische proef fase I die in eerste instantie alleen in België wordt ingediend, hanteerde het FAGG reeds kortere tijdslijnen. Deze tijdslijnen zijn vastgelegd in de wet van 7 mei 2017. De proef wordt in twintig dagen beoordeeld, op voorwaarde dat er geen verzoeken zijn voor aanvullende informatie.
Vanaf 1 januari 2026 voert het FAGG bijkomende versnelde tijdslijnen in voor de beoordeling van initiële aanvragen voor mononationale klinische proeven met geneesmiddelen voor menselijk gebruik. De tijdslijnen zijn beschreven voor deel 1 van de aanvraag, maar deel 2 zal in het geval van een volledige aanvraag niet later worden afgerond dan deel 1. Dit betekent dat de versnelde tijdslijnen ook worden gerespecteerd door de ethische comités en er sneller een beslissing kan worden gemaakt.
Bijzondere aandacht gaat naar de initiële indiening van vroege fase klinische proeven. De tijdslijnen gehanteerd voor mononationale klinische proeven fase I zullen worden uitgebreid naar mononationale klinische proeven fase I, I-II en fase II.
België neemt bijkomstige maatregelen voor de initiële indieningen van alle andere mononationale proeven (fase II-III, III, III-IV, IV).
Een overzicht van de resulterende tijdslijnen per categorie van initiële mononationale klinische proeven ingediend in België, geldend vanaf 1 januari 2026, wordt in meer detail beschreven in de bijlage.
Deze nieuwe verkorte termijnen zijn een officiële nationale doelstelling maar, in tegenstelling tot de termijnen voor mononationale fase 1 proeven, niet wettelijk vastgelegd. Het is mogelijk dat de tijdslijnen in de toekomst verder worden aangepast op basis van ervaring. In dat geval zullen wij hierover duidelijk communiceren.
Met deze versnelde tijdslijnen positioneert het België zich bij de snelste regulators voor klinische proeven in Europa, zonder afbreuk te doen aan de strenge eisen voor klinische proeven. Dit is een stimulans om de positie van België als locatie voor klinisch onderzoek te versterken.
Indien er in de toekomst Europese pilootfases opstarten waaraan België kan deelnemen, en deze ook een aanzienlijke versnelling betekenen van de beoordeling van de indiening van multinationale klinische proeven, zal het FAGG hierop ingaan als de capaciteit het toelaat. Het FAGG, samen met het College en de Ethische Comités, streven naar harmonisatie in Europa. Door in te zetten op samenwerking tussen lidstaten en harmonisatie kunnen goede en duurzame resultaten worden behaald.
Centraal informatiesysteem (CTIS)
CTIS is het centrale toegangspunt voor het indienen van aanvragen voor klinische proeven in de EU en de Europese Economische Ruimte (EER). CTIS bestaat uit verschillende onderdelen.
• Een sponsor-werkruimte voor opdrachtgevers van klinische proeven en de organisaties die met hen samenwerken. De beveiligde sponsor-werkruimte helpt opdrachtgevers van klinische proeven bij het voorbereiden van hun aanvraag en het samenstellen van de ondersteunende documentatie die voor beoordeling moet worden ingediend.
• Een werkruimte voor de bevoegde autoriteiten van de EU-lidstaten en EER-landen, en voor de Europese Commissie. Deze beveiligde werkruimte voor de autoriteiten ondersteunt de activiteiten van de EU-lidstaten, de EER-landen en de Europese Commissie bij de beoordeling van en het toezicht op klinisch geneesmiddelenonderzoek.
• Het publiek heeft via de openbare website toegang tot gedetailleerde informatie over alle klinische proeven die in de EU en de EER worden uitgevoerd, zodra de aanvragen daarvoor via CTIS worden ingediend en goedgekeurd.
De EU-lidstaten en EER-landen beoordelen en monitoren de klinische proeven in CTIS. Het Europees Geneesmiddelenbureau (EMA) bouwt en onderhoudt CTIS. De Europese Commissie zorgt voor de correcte interpretatie en uitvoering van de verordening klinische proeven.
Verwerking van klinisch geneesmiddelenonderzoek in CTIS
Opdrachtgevers van klinische proeven die goedkeuring willen krijgen voor een klinische proef in een of verschillende EU/EER-lidstaten, moeten daarvoor via CTIS slechts één aanvraagformulier en het ondersteunende dossier indienen. De indiening van het aanvraagformulier voor een klinische proef en het ondersteunende dossier omvat ook de openbare registratie van de klinische proef.
CTIS zal de dagelijkse bedrijfsprocessen van de EU-lidstaten, EER-landen en opdrachtgevers ondersteunen gedurende de hele duur van een klinische proef. Het systeem voorziet in regelgevend toezicht op klinische proeven en in instrumenten voor supervisie en monitoring.
Registratie voor het gebruik van CTIS
Wie CTIS wil gebruiken, moeten beschikken over een EMA-account. Gebruikers die al een EMA-account hebben, bijvoorbeeld om Eudravigilance of de stoffen-, producten-, organisatie- en referentiedatabank (SPOR) te gebruiken, hoeven geen nieuw account aan te maken. Gebruikers die geen EMA-account hebben, kunnen zich registreren via het accountbeheer van EMA.
Het kan zijn dat organisaties extra registratiestappen moeten doorlopen op basis van de aanpak voor gebruikersbeheer die voor CTIS werd gekozen. De organisatiegerichte aanpak maakt gebruikersbeheer mogelijk via een beheerder op het niveau van de organisatie, in plaats van op het niveau van een individuele proef. Dit is bedoeld voor organisaties die verschillende proeven via CTIS uitvoeren. Om gebruik te kunnen maken van deze organisatiegerichte aanpak moeten organisaties ervoor zorgen dat ze zijn geregistreerd in het organisatiebeheersysteem van het EMA en moeten ze een CTIS High Level Administrator registreren via EMA-accountbeheer.
Meer informatie over CTIS
• Algemene informatie over de verordening voor klinische proeven en CTIS
• CTIS-handboek voor opdrachtgevers
• EMA biedt ook training sessies aan voor extra leermogelijkheden. Video opnames van deze ‘walk in clinics’ of ‘bitesize talks’ en ondersteunend materiaal zijn op deze pagina beschikbaar.
• Clinical Trial Highlights newsletter
• Verordening over klinische proeven – Eudralex, volume 10, richtsnoeren voor klinische proeven.
• Een Q&A-document van de Europese Commissie biedt antwoorden op veelgestelde vragen over de CTR.
Infosessies over de verordening voor klinische proeven
Presentaties van de infosessies gehouden op 10 maart 2023 en op 15 september 2023.
Contact
Afdeling Onderzoek en Ontwikkeling