Beperkte beschikbaarheid van intraveneuze immunoglobulines: aanbevelingen ter attentie van de ziekenhuisapothekers en de artsen-specialisten

Door een mogelijke beperkte beschikbaarheid van intraveneuze immunoglobulines dreigt een tekort in België in sommige ziekenhuizen. Het Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten (FAGG) geeft aanbevelingen voor ziekenhuisapothekers en artsen-specialisten binnen de ziekenhuizen.

Om op korte termijn een oplossing te zoeken voor eventuele stockbreuken van essentiële geneesmiddelen kan binnen de werkgroep “onbeschikbaarheden” een Task Force van experten bijeengeroepen worden. Om de situatie van intraveneuze immunoglobulines zo goed mogelijk op te vangen, formuleerde de Task Force de volgende aanbevelingen:

De Task Force raadt aan om over te schakelen naar subcutane immunoglobulines wanneer dat klinisch mogelijk is en rekening houdend met de individuele situatie van de patiënt. Dit kan gebeuren binnen de bepalingen van §3410000. Ter herinnering, subcutane immunoglobulines worden enkel vergoed voor de volgende indicaties:

  • primaire immunodeficiëntie-syndromen (PID),
  • chronische lymfatische leukemie (CLL) of multipel myeloom (MM),
  • met ernstige secundaire hypogammaglobulinemie met levensbedreigende of klinisch significante recurrente infecties,
  • relevante B-cel maligniteit of Iatrogene B-cel deficiëntie door het gebruik van monoclonale antilichamen of van chemotherapie met ernstige secundaire hypogammaglobulinemie met levensbedreigende of klinisch significante recurrente infecties.

De Task Force benadrukt het belang om intraveneuze immunoglobulines rationeel voor te schrijven, en dit enkel binnen de vergoedbare indicaties. De vergoedbare indicaties zijn beperkt, wat prioritiseren moeilijk maakt. Hierbij is het belangrijk om oneigenlijk of off-label gebruik zoveel mogelijk te beperken, zodat het product in eerste plaats beschikbaar is voor die indicaties waarvoor het vergoed is.

Ter herinnering, intraveneuze immunoglobulines worden vergoed voor volgende indicaties, en dit binnen de bepalingen van §6790100, §6790200, §6790300 en §6790400:

  • primaire immunodeficiëntie syndromen (PID)
  • chronische lymfatische leukemie (CLL) of multipel myeloom (MM)
  • met ernstige secundaire hypogammaglobulinemie met levensbedreigende of klinisch significante recurrente infecties 
  • relevante B-cel maligniteit of Iatrogene B-cel deficiëntie door het gebruik van monoclonale antilichamen of van chemotherapie met ernstige secundaire hypogammaglobulinemie met levensbedreigende of klinisch significante recurrente infecties 
  • idiopatische thrombocytopenische purpura  (ITP)
  • syndroom van Guillain-Barré
  • ziekte van Kawasaki
  • ernstige invasieve infecties met groep A Streptococcen met Streptococcen Toxische shock syndroom
  • Chronisch inflammatoire demyeliniserende polyneuropathie (CIDP)
  • Multifocale motor neuropathie (MMN)
  • Allogene of autologe stamcel transplantatie met ernstige secundaire hypogammaglobulinemie met levensbedreigende of klinisch significante recurrente infecties 

De Task Force roept op om geen onnodige voorraden aan te leggen.

Het FAGG volgt de situatie ondertussen nauw op en zoekt samen met het RIZIV, FOD Volksgezondheid en de beleidscel van de bevoegde minister verder naar bijkomende oplossingen.

Laatste update op
29/04/2019