VOLTAREN PATCH®: verschillen tussen VOLTAREN PATCH® en VOLTAPATCH TISSUGEL® (uit de handel genomen)

In oktober 2018 nam GSK Consumer Healthcare VOLTAPATCH TISSUGEL® uit de handel om ze te vervangen door een nieuwe pleister, VOLTAREN PATCH®. Er zijn wel een aantal verschillen tussen beide pleisters, zowel op het vlak van therapeutische indicaties, dosering en hulpstoffen als op het vlak van fysisch-chemische eigenschappen.

Deze verschillen zijn aan de betrokken gezondheidszorgbeoefenaars meegedeeld via een rechtstreekse communicatie (Direct Healthcare Professional Communication, DHPC) die is verstuurd bij de lancering van VOLTAREN PATCH®.

Sinds VOLTAREN PATCH® in de handel is gebracht, kreeg het FAGG verschillende meldingen van patiënten en gezondheidszorgbeoefenaars. Sommigen geven aan verbaasd te zijn over deze nieuwe pleisters op basis van diclofenac. Ze beschrijven bijvoorbeeld ook huidreacties die ze niet hadden met de VOLTAPATCH TISSUGEL®. De verschillende hulpstoffen en fysisch-chemische eigenschappen van de twee pleisters kunnen deze reacties verklaren.

Aanbevelingen voor gezondheidszorgbeoefenaars die VOLTAREN PATCH® voorschrijven of afleveren, in het bijzonder aan patiënten die eerder VOLTAPATCH TISSUGEL® gebruikten.

  • Informeer uw patiënten over de verschillen tussen VOLTAREN PATCH® en VOLTAPATCH TISSUGEL®.
  • Herhaal de gebruiksaanwijzing van de pleisters beschreven in de samenvatting van de kenmerken van het product (SKP) en in de bijsluiter.
  • Adviseer hen om te letten op mogelijke lokale reacties nadat ze een pleister hebben aangebracht. Als die er zijn, moet de behandeling worden stopgezet en moet de patiënt alternatieven bespreken met zijn of haar arts en/of apotheker.

Het FAGG vraagt gezondheidszorgbeoefenaars en patiënten om bijwerkingen te melden aan de afdeling Vigilantie van het FAGG.

Laatste update op
12/11/2019